|
|
|
|
| |
|
Adem is als de Wind
|
|
|
|
|
|
|
|
Over de stromende adem bij het
zingen
|
|
|
|
Als je zingt, is er altijd sprake van een spannende
driehoeksverhouding tus-sen de adem, het lichaam en de stem.
Het is de kunst om te leren voelen hoe ze met elkaar
verbonden zijn en zich ten opzichte van elkaar gedragen.
Trek één van de drie touwtje los, en het verband is weg.
Adem
Het grootste misverstand dat er over adem bestaat, is dat je
er bij het zingen zuinig mee om moet springen. Adem moet
juist gul en zonder enig voorbe-houd gegeven worden, want
adem is het voedsel van de stembanden. Als adem langs de
stembanden wordt gevoerd, gaan ze trillen. Hiervoor heeft de
adem vaart nodig, want daardoor komt hij in beweging en kan
hij in be-weging blijven. Het is net als bij de wind: je
kunt de wind niet zien, totdat het gaat waaien en de
bladeren gaan bewegen. Waait het zacht, dan worden de
bladeren een beetje van de grond opgetild, stormt het, dan
waaien ze hoog op. Op dezelfde wijze reageren de stembanden
op de hoeveelheid adem die erlangs loopt én op de snelheid
ervan. Een ander misverstand over adem is dat de ademvoering
bij het zingen hetzelfde is als bij het spreken. In het
dagelijks leven ademen we een beetje in en vullen de longen
zich. Hierdoor gaan ruimtes open en daalt het middenrif.
Even later, als we uitademen, wordt dit alles weer
losgelaten en begint het proces opnieuw, de hele dag door.
|
|
|
|
 |
|
|
|
|
|
|
|
Adem verlaat direct de mond;
het lichaam sluit
en het middenrif stijgt. |
|
Adem circuleert door het lichaam
en verlaat indirect de mond; het lichaam blijft open en het
middenrif blijft laag. |
|
|
|
Als adem en lichaam op deze manier ook bij het
zingen zouden samenwer-ken, zouden we snel door onze adem
heen zijn. Om langer adem te kunnen geven, waardoor je een
hele muzikale zin kunt omspannen – een gezongen zin duurt veel langer dan
een gesproken zin – is dus wel degelijk een
regu-leringsmechanisme nodig. Hierdoor loopt de adem
gedoseerd door het lichaam, beetje bij beetje, net genoeg
voor de stembanden om alle lucht in trilling om te zetten.
Het is alleen niet de adem die dit regelt, maar je
instru-ment: je lichaam. Het is het lichaam dat de 'rem’ op
de adem zet.
Lichaam
Als het lichaam van een zanger meegeeft zoals bij een
normale uitademing, dan is het te slap en zingt de zanger té
ontspannen: het lichaam, je klank-kast dus, sluit te snel.
Je probeert als zanger alle ruimtes in het lichaam die na de
inademing een beetje meer zijn geopend, open te houden,
binnen de elasticiteit die het lichaam heeft. Je
elasticiteit, ofwel de flexibiliteit van voor-al je spieren
leren kennen en leren binnen de grenzen hiervan te blijven,
is dus heel belangrijk. Wanneer je spieren vastzet in je
lichaam kunnen ze niets meer voor je doen. Het gaat dus niet
om vastzetten en vasthouden bij het zingen, maar om mee te
veren, als een jojo, vanuit beweging. Een be-langrijke
regelspier bij het zingen is het middenrif. Dat daalt en
plat af als de longen zich hebben gevuld. Wil je niet dat
dit middenrif meteen weer terug omhoog gaat naar zijn
ontspannen rusttoestand, dan zul je vanuit het lichaam een
weerstand moeten oproepen om dit te voorkomen. Hierbij is
het belangrijk te leren voelen waar de aanhechtingspunten
van je middenrif (voor: hoog bij het borstbeen en achter:
bij je laagste rugwervels) zitten en daarmee te leren
werken. Als je probeert actief het middenrif laag te houden
dan zet je het vast. Daardoor ontstaan problemen: de adem
wordt tegen-gehouden, er komen spanningen op de keel en de
klank is niet vrij. Het is de kunst om op dit dunne koord te
leren balanceren: zolang je zingt, blijft het middenrif meer
of minder laag en afhankelijk van de toonhoogte, de
dyna-miek en de kleur, veert het dus dieper en minder diep.
Pas als je stopt met zingen, schiet het middenrif ‘los’ en
volgt, vanuit een reflex, de nieuwe inademing. Koppel je nu
de flexibiliteit van het regulerende lichaam aan het lopen
van de adem, dan vinden ze elkaar en komen ze in balans.
Daar gaat het om. Het instrument van een zanger is goed te
vergelijken met een strijkinstrument. Een mooie zangtoon
ontstaat als er balans is tussen de vrije ademstroom en de
weerstand van het lichaam, net zoals het contact tussen de
snaar en de strijkstok. Pas als die balans er is, kun je
zeggen dat de adem stroomt.
© Hetty Gehring,
zangpedagoge
Dit artikel werd gepubliceerd in De Liedvriend, jaargang
2006, nr.4 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
|
|
|
| |
Artikelen Zoeken
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
Adem
|
|
| |
|
|
| |
Wat is de verbinding tussen het lichaam als klankkast, de
adem en de stem. Hoe verhouden ze zich tot elkaar en hoe
bereik je hierin balans? De zanger is zijn eigen instrument.
Het wordt zo gemakkelijk gezegd, maar het heeft veel
consequenties. Hoe is jouw contact met je instrument? Weet
je hoe het reageert en verandert? Het doel is om
uiteindelijk met dit instrument, op de ademstroom, van
binnenuit te ontroeren. Dan dien je de muziek en wordt de
uitvoering persoonlijk.
|
|
|
|
|
| |
Hetty Gehring
|
|
| |
|
|
| |
 |
|
| |
|
|
| |
Hetty Gehring is zangdocente en heeft sinds 2003 Het
Zangatelier in Utrecht. Ze werkt met gevorderde zangers en
specialiseerde zich in het zingen op de stromende adem. Van
daaruit ontwikkelde ze de cursus ‘Adem stroomt’, die ze in
verschillen-de werkvormen geeft. Ze maakte die cursus op
basis van haar zangoplei-ding bij Margreet Honig aan het
Sweelinck Conservatorium in Am-sterdam, haar lessen bij
Maarten Koningsberger en het samenwerken met ademtherapeute
Regine Herbig, auteur van het boek 'De Adem, bron van
ontspanning en vitaliteit' (De Toorts, 2003). Voor meer
informatie over de cursussen en zanglessen, zie:
www.ademstroomt.nl en
www.zangatelier.nl of bel:
030-2513397 (Het Zangatelier).
|
|
| |
|
|
| |
Artikelen Aanmelden
|
|
| |
Heeft u zelf interessante artikelen
geschreven over zingen of kent u artikelen over zingen die u voor deze rubriek wilt
aanmelden, laat het ons dan
hier
weten!
|
|
| |
|
|
|